| bar: | (Engels) de -woord bars 1 [bà(r)] buffet waarachter drank geschonken wordt en waaraan men, vaak gezeten op hoge krukken, het geschonkene kan nuttigen: iets aan de bar drinken ; thuis een bar hebben ;2 [bà(r)] ruimte, café waar men aan een dergelijke bar schenkt en serveert: een bar bezoeken ;3 [bar] ballet op ca. één meter hoogte aan de wand bevestigde horizontale balk waaraan balletdansers oefeningen doen2 bar(«Grieks) de -woord (mannelijk) baren eenheid van luchtdruk, 10 5 pascal 3 barbijvoeglijk naamwoord en bijwoord 1 kaal, onvruchtbaar: een barre landstreek ;2 guur, buiig: het is bar weer vandaag ;3 slecht, van geringe waarde: die film was bar ;bar en boos buitengewoon slecht of onaangenaam; 4 (alleen bijw ) in hoge mate: een bar slecht boek ; een bar vervelende wedstrijd |
| Bar: | geschiedenis of Le Barrois landstreek en voormalig hertogdom in Frankrijk (Lotharingen) aan de bovenloop van de Maas |
| bar: | eenheid van luchtdruk;één megadine per cm2 |
| Bar : | aardrijkskunde stad in de Joegoslavische deelrepubliek Montenegro |
| bar: | buffet, toog, toonbank café, pub, tapperij onvruchtbaar, kaal danig, zeer, erg hard, streng |
Woorden zoeken
- Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.