| kabinet: | ka - bi` net («Frans) het -woord kabinetten 1 vertrekje, zijvertrek; Zuid-Nederlands privaat, wc;2 werkvertrek en secretarie van een staatshoofd;3 de gezamenlijke ministers; ministerie;4 werkkamer van een minister of andere hoge staatsambtenaar; (als toevoeging op een adres) voor of van de minister persoonlijk;kabinet der koningin, kabinet des konings particulier secretariaat en thesaurie van de koning(in); 5 verzameling van natuur- of kunstvoorwerpen;6 ouderwetse hoge, brede kast, met deuren en laden of vakken;7 Zuid-Nederlands praktijk (van een dokter, tandarts e.d.), spreekkamer, behandelkamer: naar het kabinet van de dokter gaan |
| kabinet: | alle ministers(inclusief de minister-president)en staatssecretarissen samen |
| Kabinet: | Taak: behandelen van zaken betreffende het Koninklijk Huis, contacten met het Kabinet der Koningin, voorbereiden van staatsbezoeken, ceremonieel, etc |
| Kabinet: | Taak:behandelen van kabinets-en secretariaatsaangelegenheden van de departementsleiding |
| kabinet: | regering vertrekje, zijvertrek privaat, toilet, wc behandelkamer, praktijk, spreekkamer |
Woorden zoeken
- Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.