Type hieronder het woord waarvan u de betekenis wilt weten:


aanlopen:` aan - lo - pen
(liep aan, 1-4 onovergankelijk is, 5-7 onovergankelijk h. aangelopen)

1
lopen, varen in de richting van iets of iem.: we liepen op het station aan ;

2
even op bezoek gaan: bij iem. aanlopen ;
een haven aanlopen
aandoen;

3
bij verhitting een bep. kleur krijgen (van metalen ): dit staal laat men blauw aanlopen ;
rood aanlopen
(van woede) hevige bloedaandrang naar het gezicht krijgen en daardoor een rode kleur krijgen;

4
tegen iets aanlopen
toevallig iets vinden:
tegen een koopje aanlopen ;

5
sneller lopen, zich haasten: loop eens wat aan! ;

6
telkens tegen iets aan komen, langs iets schuren (van bewegende onderdelen ): het wiel loopt aan ;

7
duren: dit zal wel even aanlopen ;

8
(meestal vervoegd met komen , zie aldaar) lopend naderen:
het kind kwam huilend aanlopen ;
deze kat is bij ons aan komen lopen
heeft als zwerfkat bij ons onderdak gevonden
aanlopen:kleurontwikkeling door inwarmen
aanlopen:duren

binnenwippen


Woorden zoeken - Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.