| aanspraak: | ` aan - spraak de -woord 1 gelegenheid om te praten: de oude dame had niet veel aanspraak ;2 Zuid-Nederlands het toespreken, aanspreking;3 aansprakenaanspraak maken, hebben (zeggen) het recht (te) hebben; 4 Zuid-Nederlands : aanspraken (financiële) eisen, verlangd salaris;niet te veel aanspraken maken geen te hoge eisen stellen |
| aanspraak: | aanspreking recht claim, optie, pretentie, vordering |
Woorden zoeken
- Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.