| abrupt: | ab` rupt («Frans«Latijn) bijvoeglijk naamwoord en bijwoord 1 kort afgebroken, hortend;2 plotseling plaatshebbend, onverwacht: een abrupt einde ; bijw opeens, zonder aankondiging: de onderhandelingen abrupt beëindigen |
| abrupt: | plotseling |
| abrupt: | ineens, opeens, plotsklaps, onverwacht, plotseling |
Woorden zoeken
- Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.