Type hieronder het woord waarvan u de betekenis wilt weten:


afsluiten:` af - slui - ten
(sloot af, h. afgesloten)

1
door sluiten ontoegankelijk maken: een huis, een weg afsluiten ;

2
op slot doen: een deur afsluiten ;

3
geheel dicht maken: een vat luchtdicht afsluiten ;

4
de toevoer versperren: het gas, de elektriciteit afsluiten ;

5
beëindigen: ze sloot haar carrière af ;

6
het eindbedrag bepalen: een balans afsluiten ;

7
aangaan, sluiten: een contract, een verzekering afsluiten ; vooral Zuid-Nederlands : ze sloten een akkoord af ;

8
zich afsluiten
contact met anderen vermijden;
zich afsluiten voor iets
zich van iets afwenden omdat men er niets mee van doen wil hebben
afsluiten:het geheel aan bewerkingen, te verrichten door de computer, zodra een verwerkingsprogramma is voltooid
afsluiten:afgrendelen, blokkeren, dichten, sluiten, versperren

eindigen, sluiten, beëindigen, besluiten, stoppen

afzonderen

sluiten, aangaan


Woorden zoeken - Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.