| anders: | ` an - ders I bijwoord 1 op andere wijze: hij beoordeelt de zaken anders dan ik ;2 in het andere geval: ik greep hem bij zijn arm, anders was hij van de trap gevallen ;3 op een andere tijd: we hadden minder lust om te voetballen dan anders ;4 evenwel, overigens: het is anders flink koud vandaag ;II bijvoeglijk naamwoord predicatief gebruikt een ander karakter, andere hoedanigheid hebbend: hij is nu eenmaal anders dan anderen ; het is niet anders het is nu eenmaal zo |
| anders: | evenwel, overigens verschillend tegendraads |
Woorden zoeken
- Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.