| arbeider: | ` ar - bei - der de -woord (mannelijk) arbeiders 1 handwerkman in loondienst: geoefende, geschoolde, ongeschoolde arbeiders ;2 recht natuurlijke persoon die in dienst van een ander arbeid verricht, thans meestal werknemer genoemd: volgens de wet zijn hoofdarbeiders ook arbeiders ;3 iem. die arbeidt |
| arbeider: | werker, werkkracht, werkman |
Woorden zoeken
- Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.