| automatisch: | au - to` ma - tisch [autoo-, ootoo-] («Grieks) bijvoeglijk naamwoord en bijwoord 1 van de aard van of op de wijze van een automaat, onwillekeurig, werktuiglijk: automatisch schonk hij twee kopjes koffie in ;2 door een automaat;automatische camera camera met automatische instelling van de juiste belichting; automatische piloot besturingsmechanisme waardoor een vliegtuig zonder menselijke ingreep in de goede koers wordt gehouden; automatisch vuurwapen vuurwapen waarmee automatisch een aantal schoten snel na elkaar afgevuurd kan worden |
| automatisch: | machines of processen, die zonder tussenkomst van de mens functioneren of worden afgewikkeld |
| automatisch: | onwillekeurig, werktuiglijk vanzelf, zelfwerkend noodzakelijk |
Woorden zoeken
- Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.