| gelijktijdig: | ge - lijk` tij - dig bijvoeglijk naamwoord en bijwoord op dezelfde tijd; in dezelfde tijd; ge - lijk` tij - dig - heid de -woord (vrouwelijk) |
| gelijktijdig: | synchroon, tegelijk, tegelijkertijd simultaan contemporain |
Woorden zoeken
- Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.