| vaak: | 1 bijwoord dikwijls 2 vaakde -woord (mannelijk) praatjes voor de vaak kletspraatjes; Zuid-Nederlands : (grote) vaak hebben, krijgen slaap hebben, krijgen |
| vaak: | vele malen |
| vaak: | dikwerf, frequent, menigmaal, dikwijls, herhaaldelijk, menigvuldig, veelvuldig slaap |
Woorden zoeken
- Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.