| zaad: | het -woord 1 zaden voortbrengsel van een plant, waaruit zich een nieuwe plant kan ontwikkelen;op zwart zaad zitten geen geld meer hebben; het gezaaide, vooral koren; het zaad staat goed ; figuurlijk beginsel, oorsprong: het zaad van onrust zaaien ; Zuid-Nederlands : zaad in `t bakje informeel geld in `t laatje; Zuid-Nederlands : iem. zijn zaad geven informeel iem. een pak slaag, een uitbrander geven, iem. zijn vet geven; 2 lichaamsproduct van mannen of mannelijke dieren ter verwekking van nakomelingschap, sperma; nakomelingschap;het zaad van Abraham de Israëlieten; 3 Zuid-Nederlands , informeel (bij een spel) inleg;4 Zuid-Nederlands , informeel (van een vis) kuit: een haring met zaad |
| zaad: | de 23 bits die zijn opgeslagen in het scrambler-schuifregister, voorafgaande aan de uitzending van het pakket |
| zaad: | geconcentreerd mycelium van de champignon, in speciale fabrieken bereid |
| zaad: | beginsel, oorsprong sperma, teelvocht nakomelingschap inleg |
Woorden zoeken
- Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.