| ziekte: | ` ziek - te de -woord (vrouwelijk) ziekten, ziektes 1 het ziek-zijn;2 een bepaalde vorm van ziek-zijn;een ziekte onder de leden hebben zie bij 1 lid ; Engelse ziekte zie bij Engels ; gezonde ziekte zwangerschap; vallende ziekte zie aldaar; ziekte van Weil zie bij Weil ; ziekte van Pfeiffer zie bij Pfeiffer ; krijg de ziekte! ruwe verwensing; ergens (flink) de ziekte over in hebben er (zeer) door geërgerd zijn; als de ziekte heel erg: roken, drinken als de ziekte ; jaloers, scheel, lui als de ziekte |
| ziekte: | elk proces in het organisme dat t.g.v. schadelijke uit-of inwendige invloeden, veranderingen teweegbrengt in de kwantitatieve of kwalitatieve werking van cellen of weefsels, waardoor het functionele evenwicht van lichaam en/of geest wordt verstoord en een reactie tot herstel van dit (of een nieuw) evenwicht in het leven wordt geroepen |
| ziekte: | krankheid, ongesteldheid, kwaal ziekbed |
Woorden zoeken
- Woorden A-Z
© SWC. Woorden-Boek.nl zoekt in 104.342 woorden.